De moeder van Bart Verweijen is 89 en lijdt aan dementie. Ze woont zelfstandig in een Wonen met een plus+-appartement. Toen ze er pas woonde, deed ze alles nog zelf. Nu krijgt ze steeds meer zorg, én aandacht. Dat geeft mantelzorger Bart rust: “Het neemt ons veel zorg uit handen.”
Zeven jaar geleden verhuisde Barts moeder naar een 55+-appartement, dat tegenwoordig een Wonen met een plus+-appartement is. “Mijn moeder woonde in een eengezinswoning en alles ging wat minder”, legt Bart uit. “Traplopen ging slechter, want ze is snel duizelig en heeft een evenwichtsstoornis. En ze heeft ook last van doofheid.”
Gemeenschappelijke huiskamer
In het begin kookte zijn moeder nog zelf in haar appartement. Maar ze vergat steeds meer dingen. Een jaar of drie geleden werd duidelijk dat ze dementie heeft. Bart vertelt: “Toen heb ik het gas afgesloten. Nu gaat mijn moeder vijf dagen in de week eten in de gemeenschappelijke huiskamer. Eerst wilde ze niet, maar ze vindt het geweldig. We zien dat ze weer een beetje is opgebloeid. Ze blijft ook altijd lang hangen, dan zit ze gezellig te praten met andere bewoners. Mijn moeder vertelt wel drie keer hetzelfde, maar dat vinden ze allemaal prima.” Bart gaat verder: “In de huiskamer wordt ook van alles georganiseerd. Zoals een bingo, kerstfeest, paasbrunch, noem maar op. Het is een hele sociale gemeenschap geworden.”
Zorg dichtbij
Bart gaat iedere dag even langs bij zijn moeder: “Ik wil toch weten dat het goed gaat. Ik controleer sowieso elke dag de koelkast. Want soms is de melk ineens op of kan ze de broodjes niet vinden.” Zijn moederherkent hem gelukkig nog wel. “Maar ze weet echt niet meer wanneer ik geweest ben. En als je vraagt: ‘Heb je lekker gegeten?’ Dan zegt ze: ‘Het was lekker’. Maar wat ze heeft gegeten, weet ze niet.”
Barts moeder heeft steeds meer zorg nodig. Op de eerste etage boven haar appartement is een zorgcentrum; de verpleegkundigen daarvan zitten in hetzelfde gebouw. Dat die zorg zo dichtbij is, vindt Bart fantastisch. “Ze komen twee keer per dag om medicijnen te geven. En mijn moeder wordt nu ook twee keer in de week geholpen met douchen. Want ze zei altijd wel dat ze gedoucht had, maar wij zagen nooit handdoeken liggen.”
Gezelschap
Ook komt er drie keer per week iemand langs voor een praatje, een wandelingetje of om samen een boodschapje te doen. “Dementerenden voelen zich vaak eenzaam”, legt Bart uit. “Afgelopen zondag had mijn moeder bijvoorbeeld tegen de thuiszorg gezegd dat ze niemand ziet. Dat heeft de thuiszorg doorgegeven en gisteren werd ik gebeld dat er vaker iemand langs kan komen. Dat vond ik prima natuurlijk. Want ik heb ook mijn gezin, waar ik leuke dingen mee wil doen in het weekend. Dus nu komt er ’s zondags ook iemand bij haar op de koffie.”
Bekend in de buurt
In het winkelcentrum vlakbij deed zijn moeder tot een paar jaar geleden zelf haar boodschappen. Nu doen Bart of zijn broer één keer in de week de boodschappen. Maar zijn moeder gaat ’s middags nog steeds naar het winkelcentrum. “Dat zit in haar systeem. En ze kennen haar daar. Wij willen haar dat loopje niet ontnemen. Want als we dat doen, zit ze alleen maar voor de televisie. Dan is de kans groot dat ze heel snel verder achteruitgaat en naar een verpleeghuis moet.” Bart heeft wel een tracker aan haar sleutelbos gedaan, zodat hij kan zien waar zijn moeder is. “En er hangen ook camera’s hier. Dus als er iets is, dan wordt dat snel opgemerkt.”
Soms doet zijn moeder nog weleens een boodschapje. “Dan koopt ze vaak nutteloze dingen”, vertelt Bart, “maar dat maakt niet uit. Als mijn moeder dan bij Albert Heijn is geweest, word ik opgebeld of ik wil komen betalen. Want ze heeft totaal geen besef meer van geld.” Hetzelfde heeft Bart afgesproken met de Hema, de slager en een koffiezaakje waar zijn moeder weleens naartoe gaat. “Dat is toch goud, als je dit zo kan regelen?”
Door alle zorg en aandacht om haar heen, kan Barts moeder nog zelfstandig wonen en heeft ze nog een prima leven. “En voor ons is het ook hartstikke fijn”, zegt Bart. “Het neemt ons veel zorg uit handen.”